Anna Wintour (hoofdredactrice Vogue USA) met Karl Lagerfeld (Chanel), credits onbekend

Eerlijk? Niemand weet het. Maar één ding is zeker: het is geen alleenheerschappij van ontwerpers. Uiteindelijk bepalen de consumenten welke catwalk looks tot trend verheven worden in het straatbeeld. Natuurlijk is het mode-oog van Jan met de pet minder doorslaggevend dan dat van enkele zogenaamde influencers. Er zijn een aantal vooraanstaande artiesten, it-girls en professionals uit het veld wiens mode oordeel zwaarder doorweegt.

De echte fashion victims zijn om die reden volgens G. Erner – auteur van ‘Verslaafd aan mode‘ – niet het modeminnende publiek, maar de ontwerpers zelf. Zij kunnen namelijk nooit op voorhand weten of de markt elementen uit hun collecties zal oppikken of niet. Coco Chanel zei ooit: “mode is wat uit de mode raakt“. Om deze willekeur het hoofd te bieden, zoeken verschillende ontwerpers naar verluidt hun toevlucht bij waarzegsters. Onder meer Tom Ford zou zich tot helderzienden richten. Trends voorspellen blijft steeds tasten in het duister.

De willekeur van de consument verklaart volgens G. Erner ook de opkomst van tussencollecties (“pre-summer”, “pre-fall”, …) naast de jaarlijkse zomer- en wintercollecties. Vele merken zien dit als een manier om op het nippertje nieuwe elementen toe te voegen aan hun collecties, namelijk dat wat ‘werkt’ op straat. Een tevreden klant, betekent een betere verkoop en bijgevolg een winstgevend merk. Meedraaien in de mallemolen is de boodschap, want met enkel conceptuele designs overleeft een merk onmogelijk in de mode arena.

Bron: ‘Verslaafd aan mode. Hoe ze wordt gemaakt. Waarom we haar volgen’ door G. Erner.