De Amerikaanse Tavi Gevinson, de jongste blogster die wereldwijd doorbrak

Je leest het overal: blogsters bepalen wat hip is en wat niet. Ik zie mezelf geen trends zetten, want probeer te mijden om de laatste nieuwe “must-haves” neer te pennen. Maar goed, waarschijnlijk ben ik een even grote zelfverklaarde modeblogster. Fashionista’s bepalen al enkele jaren op rij welke runway items instant een schot in de roos worden op straat. Denk aan de huidige platform sneakers. Het schoenenontwerp van Isabel Marant werd door blogsters opgepikt nog voor het in campagnebeelden verscheen. Een half jaar later is er geen ontkomen aan in het straatbeeld.

Wat kan je tegen een bottom-up effect hebben? Niets. Het leuke was aanvankelijk dat deze doe-het-zelf-modekenners onafhankelijk en haarfijn hun oordeel velden over de catwalkbeelden. Nu de modescene des te meer het belang en de draagkracht hiervan inziet, worden blogsters steeds meer voor hun kar gespannen, uitgenodigd, getrakteerd op goodiebags en een (over)dosis testproducten. Wanneer een meisje nu post dat ze “de meest coole jas ooit” heeft aangeschaft, vraag ik me meteen af of het een geschek was of een oprecht uitgekiende vondst. Het oorspronkelijke bottom-up effect kwijnt weg.

Het voelt als een kat in een zak kopen. Of zoals een artikel lezen in een modeblad over “de fantastische pasvorm” van de nieuwe Levis Curve ID-jeans. (“so last year” als ik me dan toch mag uitspreken) Net als je overtuigd bent, sla je de bladzijde om en zie je een adverentie van diezelfde jeans. Zonde. (en meermaals gezien) Het doet meteen de geloofwaardigheid inkrimpen tot een absoluut minimum. Eén interessante vraag blijft overeind: wie worden de toekomstige trendsetters nu blogsters tegen wil en dank uitgroeiden tot pure marketingtools?