De voorbije dagen woonde ik in Madrid The Global Fashion Conference bij. Een van de sprekers was de Italiaanse economie professor Davide Reina. Hij deelde zijn inzichten over “Retailing in Fashion: What’s next?”.

Momenteel overheerst binnen de mode-industrie de mythe “hoe meer, hoe beter”. Volgens professor Reina zit hierin de uitdaging. Succesvolle modeketens als Zara en H&M, maar ook traditionele luxemerken waaronder Hermès, Versace, Louis Vuitton,… meten hun succes aan het aantal winkels die ze uitbaten. Lees: “We openden 300 shops dit jaar!”. Maar door de crisis bevinden consumenten zich op een keerpunt. De middenklasse kiest steeds vaker voor duurzame varianten.

Daarnaast zoeken consumenten als reactie op globalisering terug aansluiting bij hun roots. Lokale shops kunnen hierop inspelen. Professor Reina noemt dit de “retail of uniqueness” in scherp contrast met de standaard producten die we nu overal terugvinden.

Een belangrijke spil in deze verandering is het web. Het internet is tegelijkertijd hyperlokaal én wereldwijd. Je hoeft als ondernemer geen 100 winkels te bezitten, daardoor neemt enkel het bijzondere van je product af. Daarom is de retail vraag  bij uitstek: “Wat is het minimum, niet het maximum, aantal winkels dat je nodig hebt om je volledige markt te bereiken?”

Het antwoord is simpel volgens Davide: één winkel. Het web kan namelijk nooit tegemoet komen aan de echte ervaring. Je hebt enkele lokale consumenten nodig die hun ervaring (online) kunnen delen. Het beste is bijgevolg om één shop uit te baten en een goede logistiek. Consumenten zullen wereldwijd bereid zijn om te betalen voor jouw unieke producten. Conclusie? Beter één winkel in de hand en tien in de lucht.